

Donderdag, 27 januari 2011, Barbados naar Saint Lucia, Rodney Bay.
Om 14.00 uur halen we het anker op voor vertrek naar Saint Lucia, ongeveer
120Nm varen. Het is een lekker windje, helder, dus huppakee, hoe moeilijk
kan het worden. Nou moeilijk dus. Het zat deze keer niet zo mee. We hadden
er zin in, we moeten in noordwestelijke richting koersen, de nacht door, dan
komen we bij daglicht in de buurt van het volgende eiland en kunnen dan mooi
zien waar we varen op weg naar het noorden naar Rodney Bay. We starten
heerlijk, aan de lijzijde van Barbados naar het noorden. Op het moment dat we
het eiland achter ons laten, krijgen we direct met de heftige oceaandeining te
maken. Geen hoge golven, 2,5 meter, maar wel heel veel. We gaan onze koers
westelijker leggen, de kant die we op moeten, maar dan komen we dus echt
dwars op de golven. De boot kapseist te met, iedere keer. Dus eerst de zeilen
een stuk kleiner, dan gaat het beter, maar het blijft goed oppassen en voelt
niet plezierig. Vannacht gaat de wind ook nog opzetten. Roderick geeft de
suggestie dat ik nu maar vast moet proberen te gaan slapen, nu het nog niet
zo wild is. Nou dat ging mooi niet dus, alle luiken moeten dicht blijven en het is
binnen 35 graden, ik werd gelijk bijna zeeziek. Dus gauw weer naar buiten.
Roderick gaat deze keer het grootste deel van de nacht de wacht houden, ik
neem over van 0.00 uur tot 3.00 uur, dan hij weer 3 uurtjes en ik vanaf 6.00
uur een langere periode. Prima geregeld. Ik lig dus lui op mijn rug op de
kuipbank de sterrenhemel te bestuderen. Alleen de golven worden steiler en
de wind neemt toe, het wordt onaangenamer. We besluiten om de koers nog
lager te leggen, dan krijgen we de golven schuin mee, varen ten zuiden onder
Saint Lucia door en morgenochtend varen we dan aan de kant van de
Caribische Zee naar het noorden in plaats van de Atlantische kant. Dat scheelt
een hoop in de hoogte en sterkte van de golven, alleen krijgen we de laatste 6
uur wind tegen. Zo gezegd, zo gedaan. Als het mijn beurt is, kom ik een schip
tegen, waarvan met geen mogelijkheid te onderscheiden is, welke kant het
opvaart. De radar laat niets zien, de AIS ook niet en navigatielichten zijn niet
te onderscheiden. Hij is wel groot. Terwijl ik de boel goed in de peiling houd,
gaat het alarm af. Dat is dermate luid, daar word je echt wel wakker van.
Roderick dus ook. Alarm afgezet, schip weer gepeild, niks aan de hand, alarm
weer af. Roderick er ook uit. Zitten we gezellig samen in de nacht. Roderick
pakt daarna zijn eigen wacht en mag om 6.00 uur dan echt naar bed, nog een
laatste melding: aan bakboord een heel groot front, dat hierheen trekt en aan
stuurboord een hele dikke regenbui. Okay, dank u. Onderhand is het licht aan
het worden, de contouren van het eiland zijn al te zien. De Pitons, de
kenmerkende bergen van dit eiland, zitten dicht in de wolken. Het gaat verder
nog steeds lekker.

Alleen nu moeten we bijna echt recht tegen de wind, ik maak het me
gemakkelijk, ik zet lekker de motor erbij aan. Zo gezegd, zo gedaan. Eitje dus.
Al met al zijn we al goed opgeschoten. Rond 12.00 uur varen we al bij Marigot
Bay, Roderick gaat zich vast opknappen en scheren voor als hij straks na
aankomst naar de douane enz. moet. Ik had het plan voor vandaag al rond,
straks na aankomst een paar uurtjes slapen en dan vanavond de wal op naar
de Street Party op Gros Islet. Een grote straatbarbecue met stalletjes en
Caribische muziek. 5 minuten na 12.00 begint de motor een raar geluid te
maken. Hee wat is dat, nog een paar keer napruttelen en dat was het. Hoe kan
dat nou, is de diesel op? Nee, koelwater, ook niet, kortom alles nagekeken,
alles geprobeerd, maar de motor doet het niet meer. Stress dus. Direct vol zeil
gezet en weg uit de kust. Maar zoals al eerder gezegd, we moeten recht tegen
de wind in. Dat is onmogelijk, dus probeer je onder een zo'n klein mogelijke
hoek op te kruisen. Maar dat is met onze rolzeilen heel lastig, plus dat we de
golven tegen hebben bij de ene slag, die de complete snelheid uit de boot
halen, en bij de slag over de andere boeg duwen ze ons zover opzij, dat we
vrijwel niet naar het Noorden komen.
Wat nu? Roderick probeert contact met de havendienst te maken van Rodney
Bay om ons het laatste stuk naar binnen te slepen, we kunnen zo de haven
niet in. Hij roept ze tig keer op, maar niemand reageert. Ineens krijgen we
antwoord van Coos, van de Seamotions, (die hadden we al bij Islas Cies
ontmoet) die ligt al in de baai en als wij daar naartoe zeilen, helpt hij ons
zonodig naar een ankerplaats met zijn dinghy. Dat voelt al beter. We besluiten
onze werkfok aan te slaan, daarmee kunnen we een hogere koers varen en
sneller overstag. Dus Roderick naar voren met de zeilzak, op het voorste
puntje van het schip, ik kan niet met de golven meevaren, want dan worden
we veel te ver naar het zuiden en de kust gedreven. We gaan dus recht met
onze kop op de golven, dit zeil wordt bijna nooit gebruikt, is hartstikke stug, de
leuvers willen niet open en onderhand proberen de golven Roderick van dek te
zwieren. Verder slaan de lijnen om zijn oren, kortom echt niet leuk, maar
slopend. Hij is helemaal af, maar de fok staat. Nu proberen om zo hoog
mogelijk op te kruisen naar Rodney Bay. Voor dat laatste half uurtje, hebben
we dus ruim 5 uur nodig gehad. We moeten een baai in tussen 2 rotsen, een
ruime ingang, maar we moeten zo hoog mogelijk naar binnen varen, om met
een laatste slag de ankerplaats te kunnen bereiken. Het ligt vol schepen en we
moeten dicht onder de kust, anders is het te diep om te ankeren. Op de
marifoon ontvangen we iedereen, maar hij lijkt niet te zenden, dus Coos
krijgen we ook niet meer te pakken. Nu dan doen we het alleen. En jawel. het
is prachtig gelukt, in de laatste meters probeer ik de motor nogmaals te
starten, en ja hoor, die doet het ook weer, krijg nou wat! Goed we liggen nu
voor anker en hier blijven we. We zijn helemaal af. Nu gauw de dinghy te water
laten, de buitenboordmotor erop hijsen, peddels erop, slot mee, papieren
pakken en snel naar de douane en immigratie voordat ze sluiten. Roderick was
er een kwartier voor tijd, maar nee, ze zijn al dicht. Morgenochtend om 8.00
uur precies moet u zich melden, met hoeveel personen bent U? U mag niet van
boord, heeft u de gele vlag gehesen? Ja, natuurlijk, we hebben direct al weer
een nieuwe gekocht. Geen Streetparty dus, maar we konden toch al geen pap
meer zeggen en al ons hele lijf deed zeer. Ankerwacht aangezet en om 19.00
uur lagen we in ons mandje. Uitzicht op een prachtig resort en op Pigeon Island

Zaterdag, 28 januari 2011, Saint Lucia.
Saint Lucia spreek je uit als Seent Loesja, het is hier een mengelmoes van
talen, dit eiland is 14 keer van nationaliteit veranderd. De Engelsen en Fransen
hebben zich er suf om gevochten, de Nederlanders, Spanjaarden en
Amerikanen hebben zich er ook nog een tijdje mee bemoeid. Alle Franse
namen worden hier Engels uitgesproken. Engels is de voertaal, maar de lokale
mensen spreken een mengelmoes van Engels met plat Patois Frans erdoor en
Creools. Het geschreven Engels is ook helemaal aangepast. Het is voor het
eerst dat we ons met Engels niet goed kunnen redden. Het is zo
onverstaanbaar en omgekeerd begrijpen zij ook een hoop normale woorden
niet.
Een nachtje slapen doet een mens goed. Om 7 uur gaat de wekker om op tijd
bij de douane te zijn. Een kwartier met de rubberboot over zee, netjes
aangekleed aankomen. Alles geregeld. Informatie voor cruisers: Om in te
klaren moeten we 10 East Caribbean Dollar betalen voor Pratique (wat dat
ook mag wezen) , 5 ECD voor de Clearance, 15 ECD voor Navigational Aids en
10 ECD overtime, omdat het zaterdag is. In totaal dus 40 ECD= ongeveer
13,50 euro. In Barbados heeft Roderick US Dollars opgenomen, omdat je hier
overal eerst moet betalen, voordat je aan land gaat en geld kan pinnen.
Daarbij vindt de pinautomaat in deze haven dat onze pas ongeldig is. Maar
gelukkig hebben we nog een Credit Card en weet Mirella de code, die ze
nogmaals per SMS doorgeeft. Eindelijk mag Roderick de Startrekvlag van St
Lucia hijsen. In ieder land hijs je de gastenvlag van dat land uit beleefdheid.
Die moet je dan wel al van te voren gekocht hebben, wat niet altijd lukt.
Sommige cruisers schilderen en naaien deze zelf, daar horen wij dus niet bij.

Vandaag doen we verder niets. 's Middags gaan we een rondje door de baai,
om te kijken wie er allemaal liggen, dan tuffen we naar de haven, om daar de
boel te verkennen. Het ziet er allemaal prima uit. Er zit duidelijk geld op dit
eiland.

De bebouwing is zo mooi. pastelkleurige grote gebouwen, met overal
veranda's, dakjes, kapelletjes. Waarschijnlijk allemaal resorts, maar zo
mooi van stijl. Leuke eettentjes, en 2 aanlegsteigers om je dinghy aan af te
meren. Dat is fijn. Nu kunnen we heel simpel aan land en de dinghy aan de
steiger op slot zetten. Net een fietsenrek in Amsterdam, overvol dus met
kriskras sloten. En wie komt daar net aanvaren met zijn dinghy? Coos van
Seamotions. We bieden ze natuurlijk eerst even een drankje aan. Dan gaan we
een klein stukje lopen om een eerste indruk te krijgen. Het is bloedheet,
Roderick krijgt het nu toch wel te kwaad. We gaan boven bij een Thais
restaurant op een beschaduwd terras met uitzicht over de hele haven een
drankje drinken. Een Coco Loco, gemalen bevroren cocos met vers lime-juice
erover. Heerlijk. We besluiten dan ook maar meteen een hapje te eten, Roti
met kerriekip. Alsof er een engeltje.... Als we weer naar de dinghy steiger
gaan, komen we Erik van de Liberty tegen. Tja, dan hebben we nu alles weer
geregeld, lekker naar huis, met een boekje languit op de kuipbank de zon in
zee zien zinken.

Zondag, 30 januari 2011, Rodney Bay, St. Lucia.
Het waait behoorlijk in de baai, wat eigenlijk wel lekker is, anders wordt het zo
heet. We starten lui, maar het anker begint te krabben, dus moeten we direct
razendsnel aan de slag, willen we niet tegen een ander schip aandrijven.
Wat zuidelijker in de baai gaan we opnieuw ankeren. De motor doet het weer,
Roderick wil hem een paar uur aan laten staan om te kijken wat er gebeurt, in
die tijd kan ook meteen de watermaker aan. Met de watermaker zijn we echt
gelukkig, niet dat we nu gaan lopen spillen, maar er staan continue 12 grote
flessen koud water in de koelkast en daar maken we continue gretig gebruik
van. De motor doet het zoals eigenlijk altijd gewoon prima. Wij weer blij! We
denken dat er water of wat vuil in de diesel gezeten heeft.
Er komt nog een parlevinker langs met fruit. Je ziet hem nauwelijks zitten
onder de vlaggen. Ik vind het wel erg leuk en koop 4 bananen tegen een
belachelijk hoge prijs. Roderick geeft hem 10 ECD, maar hij kan niet
teruggeven, hij wil daarvoor wel een grapefruit geven. Ja daaggg, bananen
teruggegeven, geld terug. Het voelt spijkerhard, maar er zijn ook grenzen.

Eind van de middag ga ik eerst nog "een blokje om" en daarna varen we met
z'n tweetjes naar de haven om te kijken waar we uitkomen, als we de
rubberboot op de andere dinghysteiger leggen.
Natuurlijk zit er al iemand op ons te wachten, die onze boot voor ons gaat
bewaken. We weten nooit zo goed wat we daarmee aanmoeten, maar okay,
wij het straatje uit, komen we in een buurt met prachtig gebouwde huizen, een
spiksplinternieuw winkelcentrum, met een luxe "Bijenkorfsupermarkt". Alle
heerlijkheden uit alle landen bij elkaar. Maar een stukje brie voor 27 ECD en
een watermeloen voor 50 ECD vind ik toch wat te veel van het goede. We
halen wel lekker vlees, dat durf ik hier niet zo vaak te kopen en een bruin
brood. Ook hebben ze een prachtige groente afdeling, dat heb ik lange tijd niet
meer gezien. Ze verkopen niet alleen bloemkolen, maar ook feestkolen, oranje,
roze en paarse bloemkolen. En verder allemaal typisch Amerikaanse
producten, honderden pakken kant en klare koekjesmix, glazuur, zoetigheden.
Maar eerlijk is eerlijk, we hebben lopen watertanden. Hier is ook een bank,
waar we geld kunnen pinnen, dus we zijn er weer helemaal klaar voor.
Terug naar onze dinghy, bewaker wat gegeven, en dan naar "huis", fileetjes in
de pan, rauwe salade er naast, een dikke snee bruin brood en een Carib
biertje. Wat wil een mens nog meer, nog even een plons in zee voor het
donker is en dan gaan we wederom de zon in zee zien zinken.
Op de achtergrond van de laatste foto zie je onze bewaker zitten.

Dinsdag, 01 februari 2011, Rodney Bay, St Lucia
Tja zoals gezegd er is hier duidelijk nogal wat geld. Wat een kanjers van
schepen en wat een paleizen van huizen. Onderhand is er een megajacht in de
baai komen liggen met de toepasselijke naam Barbie in grote lichtgevende
letters bovenop. De huizen die hier om de haven gegroepeerd staan zijn het
toppunt van luxe, met zelfs een apart botenhuisje voor de waterscooters.
Maar prachtig om te zien. En het verschaft een hoop werkgelegenheid voor de
locals, die toch een ietwat mindere behuizing hebben.


Het leven in de baai is leuk, er is een hoop te zien, alleen de gewone
huishoudelijke zaken kosten heel veel tijd. bijvoorbeeld een paar
boodschappen doen: Eerst de dinghy van slot halen, kijken of er nog
genoeg is, leeghozen (want er vallen iedere dag zeker 4 plensbuien), dan met
de rugzak om naar de kant over zee dus, met een zekerheid van 95% dat je
een golf overkrijgt, dan door het kanaal naar de haven en verder door naar de
dinghysteiger. Daar moet je een plaatsje veroveren, net als in Amsterdam in
het fietsenrek, aanleggen, kettingslot overal om heen, even in onderhandeling
met een bewaker, die zich onmiddellijk aanbiedt om op onze rubberboot te
passen, dan wandel je naar de stad, een bank hebben we inmiddels gevonden,
de supermarkt ook, zorgen dat we wat kleingeld bij de hand houden voor als
we zo terug moeten langs de bewaker, dan het hele verhaal weer omgekeerd,
anderhalf tot 2 uur later ben je dan weer aan boord met wat spulletjes. Daar
probeer ik zo mogelijk direct de zoutgeworden kleding weer uit te spoelen,
droog is het natuurlijk zo. Internetten moeten we via een mobiele verbinding.
Dat is bijna altijd een ramp, dat kost zeeen van tijd. Dan heb je eindelijk een
verbinding, maar zo ontzettend langzaam, dan komt er een grote golf,
verbinding weer weg. We zijn natuurlijk wel van het Internet afhankelijk om
onze persoonlijke zaken te regelen, de website bij te houden, onze
bankrekening eens te bekijken, weersverwachtingen ophalen, douaneregels en
dergelijke van de eilanden checken, , emailen met de familie, af en toe wordt je
er gestoord van. Midden in de nacht hebben we nog de meeste kans op een
redelijke verbinding. Gisteren heb ik een uur uit het voorluik gehangen met de
laptop boven mijn hoofd op een schommelende boot. Maar natuurlijk niets zo
heerlijk als wat relaxen op de kuipbank, even het heldere warme water in
plonzen, gisteren heb ik zeker een uur tussen een school visjes gehangen.

Woensdag, 02 februari 2011, Rodney Bay Marina, St Lucia.
Vannacht haalde Roderick me uit bed, er kwamen 2 grote 3 masters in onze
baai ankeren. Mooi gezicht. 's Ochtends werd het nog leuker, toen we beter
keken, bleek de Stad Amsterdam ( gebruikt voor de Darwin serie op TV)
achter ons te liggen en aan de andere kant de Alexander von Humboldt, die 3
master die met lichtgroene zeilen vaart. Ook zo'n prachtig schip. De Stad
Amsterdam vertrok alweer spoedig in de ochtend.


Ook wij gaan ankerop, wij gaan een paar dagen in de haven liggen, maar eerst
nog een paar mooie plaatjes van de Alexander von Humboldt.

In de Rodney Bay Marina liggen we recht tegenover de megajachten. Je kijkt
echt je ogen uit. We liggen nu recht tegenover de Barbarella. Hun bijbootje is
groter dan ons totale schip. Ook speedboten met de nodige PK's achter hun
kont. Leuk gezicht een Rastafarian met een grote muts achter het stuur.

Hier in de haven heeft Roderick van de week al afspraken gemaakt met de
zeilmaker, om onze Genua van een nieuwe UV strook te voorzien en om de
buiskap door te stikken. Door de brandende zon en het zout verteren alle
naden. Zodra we aankomen moeten we dus meteen aan de bak. Het zweet
loopt echt in stromen van ons af. Daarna gaat Roderick naar een metaalbedrijf
om een nieuwe spi voor de sluiting van de spiboom te laten draaien. Daarna
hebben we het echt wel gehad, we gaan een Piton biertje drinken op het terras
bij de haven en verder klaar. De foto is de toegangskaart tot het Megadock.

's Avonds hadden we eindelijk weer eens Internet en kregen we de droeve
mededeling dat onze lieve vriend en ex-huisarts Anne van Veen overleden is.
We wisten dat dit er aan zat te komen en zijn blij dat er voor hem , Rina en de
familie een einde is gekomen aan een hele moeilijke tijd. Maar natuurlijk zijn
we verdrietig en dan is het moeilijk als je zover weg bent. Gelukkig heb ik hem
in december, toen ik in Nederland was, nog kunnen bezoeken. Vaarwel vriend.
Vrijdag, 04 februari 2011, Rodney Bay Marine, Gros Islet, St Lucia.
Over de marifoon had ik gehoord, dat iemand een inzamelingsactie voor
kleding hield voor een dorp hier vlakbij, dat erg onder de hurrican Thomas
geleden heeft. Ik ga eerst even bij de boot informeren of dit nog steeds geldt,
Ja hoor, graag. Kunnen ze ook truien gebruiken? Jasjes? Ja graag. Dus hebben
we alle kasten en tassen leeggehaald en 3 grote blauwe zakken vol kleding
weggegeven. De hele boot staat nu weliswaar weer op z'n kop, maar nu voor
het goede doel. Straks zie je ze hier lopen in Mulan truien.
Vanavond zijn we inderdaad naar de Friday Night Jump up geweest in Gros
Islet. Eerst met zijn tweetjes met de local bus (in het donker) naar het naburig
dorp. Tja dat ziet er toch anders uit. Houten huisjes met golfplaten daken. We
kregen al de waarschuwing mee om in de hoofdstraat te blijven en absoluut
niet naar het strand te gaan. Nou als wij daar eenmaal lopen, pieker je daar
helemaal niet over. Overal staan barbecues, standjes waar je een drankje
en/of kettingen kunt kopen en natuurlijk overal keiharde muziek. Het totaal
heeft een groot Koninginnedaggehalte. Geen foto's want ik durfde mijn toestel
niet mee te nemen, achteraf spijt natuurlijk. We hebben eerst bij een Big
Mama een kipspiesje gegeten, daarna heeft Roderick bij een stal van alles en
nog wat gehaald ( incl. een lichte buikloop) en als toppunt heb ik een lobster
(langoustine) van de grill gegeten. Daar moest ik mezelf wel even voor
overwinnen, overal poten en sprieten, met een saus van locale kruiden. Om
22.00 uur hebben we weer een busje terug genomen. Gevoelsmatig is het dan
al midden in de nacht, het is al 4 uur stikdonker. Het feest is dan nog in volle
gang, maar zo alleen met z'n 2 weer naar huis willen we toch niet te veel risico
nemen. Eigenlijk vind ik ons toch wel heldhaftig zo.
Zaterdag, 5 februari 2011, Rodney Bay Marine, Castries, St. Lucia.
Vandaag is onze Mirella jarig. We hebben haar even gebeld en nemen dan
maar een lekker drankje. Proost meid!

Onze oude genua kan Roderick vandaag ophalen, hij had de zeilmaker een
klein presentje gebracht, dat werkt, het zeil is klaar en de buiskap ook. Er
moest een nieuwe UV strook opgezet en hier en daar doorgestikt. Alles bij
elkaar toch weer 800 euro. We hebben trouwens ook een nieuwe genua
besteld bij Doyle's Saila, deze wordt nu gemaakt, als hij klaar is. moet het zeil
eerst naar Venezuela heen en weer verscheept worden in verband met de
import bepalingen. Over ongeveer 4 weken wordt deze geleverd, tot die tijd
blijven we in de buurt van St Lucia. Ook weer 2500 euro. Op deze manier
vliegt het geld eruit. De genua moet weer op de furling bevestigd en gehesen.
We zweten ons rot. Je wordt doodmoe als je je inspant in die brandende zon.
's Middags zijn we met het lokale busje naar de markt in Castries gegaan, een
belevenis op zich. Het zijn vanbusjes, waar je met 12 man in gaat, maar 15
lukt ook. Je stapt in, zoekt een plaatsje, de passagier die het dichtst bij de
schuifdeur zit, doet deze open en dicht. Bij iedere bank is een klapstoeltje, dat
je weg kunt draaien, zodat de mensen erlangs kunnen klauteren, anders moet
je gewoon ook even uitstappen. Zit iedereen, dan scheurt de chauffeur vol gas
weg, alle raampjes open, de Caribische muziek keihard aan. Iedereen zit een
beetje mee te swingen. Wil je eruit, dan moet je "Bus stop" roepen, ervolgens
stap je uit en betaal je voor de rit. In ons geval 2,50 EC, 0,80 cent.

We hebben ons nogmaals aan een verse kokosnoot gewaagd. Deze was veel
lekkerder en veel goedkoper. Zijn we vorige keer dus toch genaaid. Maar al
doende leert men. Nu hebben we maar 1,50 EC betaald in plaats van 5 EC.
Met een grote machete hakt de koopman eerst een paar schuine stukken van
de bovenkant, dan met 1 klap het kapje eraf, rietje erin klaar. Als je hem dan
leeggedronken hebt, geef je hem weer terug, dan hakt hij hem doormidden en
hakt er vervolgens een flinke spaan vanaf om het jonge vruchtvlees eruit te
schrapen. Lekker!

Op de markt is het best lastig, we hebben geen idee van prijzen. Fruit en
groenten zijn hier over het algemeen heel prijzig. Anderszijds liggen er knollen
en groenten op de stal, waarvan we geen idee hebben wat het is. We kiezen bij
voorkeur een stalletje uit met moederlijk type, daar ga ik dan vragen, wat het
is, hoe het heet en hoe ik het moet bereiden, in de hoop dat ik dan daarna niet
afgezet word. Vanavond eten we pompoen met rijst, verder heb ik een
dasheenknol gekocht, zoete aardappels, en nog iets onbekends. Voor de
komende dagen kunnen we voort. En verrassing: verse tuinkruiden, die heb ik
lang niet meer gezien. Die nemen we natuurlijk ook mee.

Verder natuurlijk kippepoten, varkenstaarten, mooie verse vis, enge worsten.
Het is echt een lokale markt. Bepakt en bezakt gaan we eerst een lekker
biertje drinken op een terras. Ze hebben hier ook ijskoude Guiness, dat is aan
Roderick wel besteed. We raken in gesprek met een paar Portugezen, die van
de Azoren zijn komen varen. Ze liggen ook bij ons in de haven. Daarna nog
even de stad door, het overschaduwde plein met wel 30 rondhangende
bedelaars vermijden we liever.
Daarna nog even naar het centrum met mooie winkels, Castries is de
hoofdstad. Dan wil ik nog even naar de supermarkt voor een stukje kip bij de
rijst van vanavond. Roderick vindt het prima, hij gaat snel terug naar het
terras om nog zo'n lekkere Guiness te pakken, dan kan ik even rustig
boodschappen doen.... De barkeeper bewonderde hem zeer om dit snode plan.
Helaas de supermarkt had alleen bevroren vlees en ook niet echt wat ik zocht.
Bij ons hakken ze de kippenvoetjes af, hier liggen ze in zakken te koop, net als
de gekloofde varkenspootjes, varkenskrulstaartjes en runder niertjes.
Dus wij weer met een swingend busje terug, ik ben een halte eerder uitgestapt
om in die dure supermarkt vers vlees te kopen. Roderick is doorgereden, heeft
de boodschappen aan boord gezet en kwam mij met de rubberboot ophalen.
Goed geregeld! De pompoenrisotto met kip en rozijnen is heerlijk geworden.

Zondag, 06 februari 2011, Rodney Bay Marina
Vandaag nog wat meer rommel in de boot gemaakt. Nu toch alles al overhoop
gehaald is, kan ik het meteen weer opnieuw indelen. We dragen nu alleen nog
maar heel luchtige kleding. De Noorse pakken helemaal afgespoten met zoet
water, de fleece jacks gespoeld. De zeilpakken zijn te vies om aan te pakken,
maar die moeten met een speciaal middel gewassen en weer geimpregneerd
worden. Dit had ik al uit Holland meegenomen. Ik ben er de hele zondag zoet
mee. Teiltjes vullen, jas inweken en borstelen, 6 keer spoelen, volgende jas,
dan stuk voor stuk impregneren, laten staan, weer 6 keer spoelen. Verder
regent het vandaag extra veel. Hier in de Carieb is het weer sowieso wat van
slag. Iedere dag vallen er een aantal plensbuien, maar vandaag is het wel 30
keer raak. Zodra we een spettertje horen, roepen we naar elkaar luiken dicht,
ieder doet een aantal luiken, want het begint meteen te plensen als een gek.
Even een boodschap bij het havenkantoor en je komt doorweekt terug. Door
de hitte ben je echter ook zo weer droog. Maar met de luiken dicht, schiet de
temperatuur binnen direct om hoog, dus zo snel mogelijk alles weer open en
dan begint het verhaal weer opnieuw van voren af aan. Geen tijd om te
vervelen dus. We hebben onze tijd in de haven nuttig besteed.

Het koken van de Yam en de Dasheenknol was geen succes, na het stomen
werd de een paarsig en de ander donkerblauw, geen kleuren die me aanlokken.
Gekookt hadden beide een heel plakkerige, weke structuur, het deed me sterk
denken aan de Gluton, die we op de kleuterschool als lijm gebruikten. Geheel
tegen mijn principes, hebben we dit gewoon gedumpt, het was echt niet te
eten.
Zaterdag, 12 februari 2011, Rodney Bay
Uiteindelijk zijn we dinsdag weer buiten in de baai voor anker gaan liggen. We
zijn moe van al het gedoe de laatste dagen en willen nu even lekker lui
uitrusten. Je waait alleen je hemd uit, dat is wel lekker met deze hitte, alleen is
het niet prettig om de boot dan alleen te laten. Dus om de beurt doen we onze
dingen. Helaas gaat mijn enkel nog steeds niet goed, dus ik kan toch al niet
zoveel. Roderick is nog een dag druk met het aanleggen van een 100 Amp
zekering voor de electrische ankerlier. Nu hebben we een 80 Amp zekering,
maar die vliegt er steeds uit, net op het moment dat je dit het minst gebruiken
kan. Natuurlijk past het een niet op het ander, dus het wordt altijd weer een
klus met een grote K. Maar ook dat is weer voor elkaar.

Het is druk hier, er liggen veel schepen voor anker en dit is ook het gebied
waar veel grote dwarsgetuigde zeilschepen voor anker gaan. Ons uitzicht is
telkens weer anders. Eergisteren lag de Seacloud 2 achter ons. Dan is dit ons
uitzicht uit het keukenraampje.

Verder varen er hier veel huurschepen rond, die echt niet kunnen ankeren. 8
man roepen aanwijzingen, ze draaien rondjes als gekken en rammen bijna de
ene na de andere buurboot. Leuk om te zien bij een ander, eng als het naast
jezelf gebeurt. In de baai gebeurt er verder genoeg om ons heen, we liggen
voor een groot resort, waar de mensen ook waterscooters kunnen huren,
hobiecats, kano's. De meeste hebben geen idee hoe dit soort dingen werkt,
dus het is leuk om naar te kijken, hoewel we ook af en toe ons hart
vasthouden, als er een catamaran recht op ons af komt en niet kan sturen.
Toen we niet aan boord waren zij we duidelijk ook eens geraakt, de blauwe
strepen staan op onze zijkant. Er is 1 middelbare heer, die het zo ontzettend
naar zijn zin heeft op een waterscooter, die zien we iedere dag voorbij
scheuren, plat op zijn buik liggend op de "motor", hij voelt zich dan zo stoer.
Verder zijn hier natuurlijk heel veel Amerikanen, die volwassen en wel
aanstellerig gillend rondjes om ons heen "varen", echt als een stel kleine
kinderen, van Mama, kijk eens wat ik durf. Gelukkig sloegen ze om en hadden
wij ook weer lol. Hele groepen steken onder begeleiding de baai over
peddelend in een lichte 2 persoons kajak. Hartstikke leuk natuurlijk, maar die
liggen zo hoog op het water, dat ze enorm door de wind en de stroom mee
genomen worden. Dus dat valt nog heel niet mee. Voor ons weer leuk om te
zien, de mannen peddelen zich een ongeluk, de bijbehorende vrouw doopt ook
af en toe een peddel in en gaat zo nu en dan lui achterover hangen,
ondertussen drijven ze dan net zo hard weer terug. Het geheel heeft hier een
groot "Comedy Capers" gehalte.
Vanochtend keek ik achter ons en daar lag de Windsurf voor anker, een groot
motor-cruiseschip met vijfmasten, die dus ook kan zeilen. Dit schip draait dus
ook voortdurend met zijn kop op de wind, als het voor anker ligt. Toen hij iets
verder doordraaide, piepte ineens de Stad Amsterdam er achter te voorschijn.
Het voelt net als de eretribune van Sail.


Aan de kleur van de foto's kun je zien, dat het weer echt bijna ieder half uur
omslaat. De eilanders klagen steen en been, dat het zo koud is. Wij vinden het
allang lekker. Bij regen en 's nachts 26 graden, als de zon door is meer dan 30
graden. Het zeewater is nu 29 graden. En daar is de volgende bui...

Eindelijk hebben we een schildpad langs zien zwemmen. He,he, die stond nog
op mijn verlanglijstje. Het leven is hier wel uit te houden. Deze aalscholver-
achtige vertoont steeds kunstjes voor ons, komt in duikvlucht naar beneden
suizen en duikt dan onder water. Super om te zien.

Pigeon Island ( waar we naast liggen) is een soort natuurmonument, je moet
toegang betalen om het eiland te betreden, dan kun je ook naar boven
klimmen, naar het oude fort en zo. Helaas voor mij niet van toepassing, maar
beneden is een beeldschoon restaurantje, riet en oud hout, midden tussen de
bomen aan het water, met een soort kunstgalerij, overal olieverfschilderijen,
een bookswap, dit is voor bootjesmensen, er zijn een aantal planken met
boeken en dan mag je gewoon een paar boeken uitzoeken en er andere voor
terugzetten. We hebben hier vanavond heerlijk gegeten met uitzicht op de
baai, waar onze bootjes dobberen, kennis gemaakt met Sue en Bob van de
Mawari, die we aan onze tafel uitgenodigd hebben. Erg gezellig, meteen nog
een paar boeken geruild, de computer hadden we verpakt in een vuilniszak in
een schoudertas, die ook weer in een vuilniszak verpakt was meegenomen,
dan konden we meteen onze email nog even afhandelen. Er was een bandje
dat covers uit de jaren 60 zong. Terug in het pikdonker met een zaklantaarntje
in onze rubberboot de hele baai door naar ons schip. Een leuke avond.


Zondag, 13 februari 2011, Rodney bay, St. Lucia.
Het weer blijft hier van slag, veel squalls met harde windvlagen en heel veel
regen. Weliswaar kortdurende buien, maar oh wat valt er een plens. Op de
radio klaagden de mensen, dat het 's nachts maar 23 graden was. Brr koud.
We hebben niet zo'n zin om ons uit te sloven of in zwaar weer te gaan zeilen,
dus we blijven lekker in de baai voor anker liggen. Vanmiddag kregen we
nieuwe buren die om hulp riepen. Wij er naar toe met de rubberboot.
Ze hadden een zeilboot gehuurd in Martinique, nu deed de motor het niet meer,
de buitenboordmotor van de dinghy deed het ook niet en ze konden niemand
van de chartermaatschappij bereiken per telefoon, want ze wisten het
landnummer van Martinique niet. Okay, wij brengen jullie wel even naar de
haven, dat is met onze rubberboot bijna 20 minuten over zee. Dan kunnen
jullie je zaken regelen, gaan wij even ergens wat drinken, en dan brengen we
jullie weer terug aan boord. Het was wel lachen, dit Engelse echtpaar had een
groot Keeping up appearances gehalte. Daarbij heette hij ook nog Richard.
Toen hij eenmaal iemand aan de telefoon had, riep zij steeds: "Richard, spreek
dit nu niet zo af, je bent al zo onhandig" en dit in allerlei variaties. Toen we met
z'n vieren weer teruggingen in de rubberboot, kregen we zo'n enorme bui over
ons heen. Je kon geen hand voor ogen meer zien, er stond een hele laag water
in de dinghy. Maar dankzij de aangename temperatuur is het niet zo
verschrikkellijk. Je stapt weer aan boord, kleedt je weer uit, hangt de spullen
weer over de railing en een uurtje later is alles weer droog, of weer opnieuw
nat.

Het is grappig, je gaat je hier al zo thuis voelen, we weten hier al aardig de
weg, om je dan te realiseren, dat je toch werkelijk in St Lucia rondloopt/ vaart.
's Ochtends in de rubberboot vers brood halen, eventueel een groot glas
versgeperst grapefruitsap. We weten waar ze lekkere en betaalbare cocktails
serveren, waar een smakelijke lunch. De locals zijn erg vriendelijk en
behulpzaam, hun eigen taal is lastig te verstaan, eigenlijk helemaal niet. Maar
het voelt wel heel erg leuk, dat als een rastaman je passeert, hij met een big
smile zegt: Hi Guys, do you like St Lucia? Als de serveerster aan Roderick
vraagt: What can I do for you Darling? Als je afrekent in het supermarktje:
Thank you Love... Daar word je vanzelf blij van.
We gaan af en toe een hapje eten of een cocktail halen in de "Jambe de bois "
op Pigeon Island. Daar is de aanbieding 2 cocktails voor de prijs van 1.
10 ECD kost zo'n cocktail, ongeveer 3,50 euro. Daar krijg je dan 2 grote glazen
vol met rum, vers sap, enzovoort voor. Maar wel tegelijk geserveerd, dat is
dan wel weer grappig. We proberen steeds een andere, laatst was ik na 2
slokken toch zo ongelooflijk dronken, volgens mij was het bijna alleen maar
rum, 3 soorten door elkaar met een drupje grenadine, phoe... Zelfs Roderick
vond het een heel sterk drankje. Het uitzicht vanaf hier blijft betoverend mooi
natuurlijk, zeker als daar dan ook nog je eigen bootje tussen ligt.

Maar het is hier al vroeg en heel snel stikdonker, dus als we om half 8 weer
terug aan boord willen, moeten we met de rubberboot met een zaklantaarntje
de baai door, op zoek naar ons eigen schip.

Voor het weekend van 19 en 20 februari hebben we ons ingeschreven voor
een 2 daagse regatta om het eiland. Wij doen nooit mee aan zeilwedstrijden,
maar dit leek ons zo leuk, dus allah, we gaan ervoor. Zaterdagochtend vertrek
dan om de noordpunt van het eiland aan de oceaankant weer naar het zuiden,
overnachten in de baai van Le Vieux Fort, daar liggen we dan voor anker, dan
gaan we daar met z'n allen eten in het dorp, de volgende ochtend weer aan de
Caribische kant naar Rodney Bay, waar we aansluitend een gezellige avond
met live music in de Yachtclub van St Lucia krijgen.
Vrijdag, 18 februari 2011, Rodney Bay, St Lucia.
De hele dag zijn we al in touw om het schip weer van een woonboot in een
zeilboot te veranderen. Tjee, wat hebben we ons nu weer op de hals gehaald.
En door het warme water en het stilliggen hebben we toch een aangroei! We
zijn al dagen bezig om, al zwemmend met de snorkel op, de aangroei met een
plastic plamuurmes zoveel mogelijk af te steken Om 17.00 uur gaan we naar
de Skippers Briefing, daar komt iedereen die met de regatta meedoet bijeen
en krijgen we de exacte planning te horen. Laat het nu ook net Happy Hour
zijn in die bar. Na de briefing hebben we nog lang en gezellig met een hoop
mensen zitten praten. In het pikdonker gaan we weer met onze dinghy terug
naar het schip, dat nog steeds voor anker ligt in de baai. We moeten eigenlijk
de rubberboot nog aan dek hijsen , schoonmaken, leeglaten lopen, opvouwen
en vastsjorren, de buitenboordmotor ophijsen en dergelijke, maar daar hebben
we toch niet zoveel zin meer in, hoe is dat nou mogelijk? We zetten de wekker
vroeg en duiken direct in bed.
Zaterdag, 19 februari 2011, Regatta om Saint Lucia.
met dank aan Danielle van de St. Lucia Yacht Club voor de mooie foto's.
Om 6 uur gaat de wekker. We gaan meteen hurry-up van start. Als we de
rubberboot aan dek gehesen hebben, blijkt die ook dik aangegroeid te zijn met
algen en kokerwormen. Wat een klus nog. We gaan er hard tegen aan, om 9
uur gaan we het anker ophalen, de race start om 9.30 uur. We krijgen op de
radio nog een "time check" Hee, wij lopen 5 minuten voor.... Goed opletten,
anders gaan we te vroeg over de startlijn. We varen dus nog een rondje terug,
om niet in het gekrioel van de andere schepen te raken en om niet door de
wind over de startlijn geblazen te worden , gaat ineens de toeter en start
iedereen. Shit, wij er snel achteraan. Net om de bocht van het eiland weten we
de Wild Fox ( met de rode zeilen) in te halen, dat is niet zo moeilijk, want die is
jonkgetuigd, maar voor ons moreel prima.

Eenmaal om de hoek van het eiland, krijg je direct weer te maken met de
oceaandeining. Maar het is heerlijk helder weer en het gaat super. We halen
zelfs nog een 2e schip in. Daarna moeten we een hele tijd tegen de wind
opkruisen, met 3 schepen liggen we in de achterhoede, maar het is hartstikke
leuk. Helaas neemt de wind steeds verder af en op een gegeven moment
begint de kopgroep te klagen, we gaan nog maar 1 knoop per uur, we moeten
er nog 20, dus zouden we pas morgenmiddag op de bestemming aankomen.
Kortom iedereen gaat op de motor verder. Zonde, maar niets aan te doen.
Het eiland is prachtig om te zien, grillig gevormde bergen, prachtig groen en
helder turquois water. Tegen 17.00 uur is iedereen die overgebleven is, ( 3 van
de 10 schepen zijn teruggegaan) gearriveerd in de baai van Le Vieux Fort.


Daar gooien we allemaal het anker uit, snel een natte washand over het
gezicht, de visserssloep komt er al aan om ons op te halen en aan land te
zetten. Dan langs diverse boten om de mensen op te pikken, bij de Caol Ila
moeten ook grote koffers van boord, er moeten 2 mensen naar het vliegveld.
Met vereende krachten lukt dit allemaal prima.

Bij de kade aangekomen, gaat de vissersboot keurig langszij, de kade zelf ligt
bijna een meter hoger en duizenden kakkerlakken rennen heen en weer over
de kademuur. We klimmen dus eerst op het boord van de visserssloep en
daarna een reuzenstap. Op de kant helpen alle mensen mee, vele uitgestoken
handen maken dat iedereen veilig op de wal staat. Op naar het restaurant,
over open waterlopen ( riolering?) door een opengeknipt hekwerk heen
kruipen, dan een stukje door de stad. Roderick biedt, galant als altijd, iedereen
de helpende hand.

En daar is het Old Plantation House. Waar we een heel gezellige avond hebben.

Tja en dan weer terug in het donker, dit keer met een groep van 12.

De watertaxi annex vissloep wordt geregeld. Daar gaan we met z'n allen in. De
meeste dames dragen een witte broek en open sandaaltjes. Op de kade
hebben ze net vis schoongemaakt of zo. Alles is drijvend nat en ruikt ook niet
helemaal fris. We klimmen weer vanaf de kakkerlakkenkade in de visboot,
hutje bij mutje, de banken zijn drijvend nat, er staat een laag water in de boot.
Allemaal flink inschuiven en toch wel lachen, daar zitten we dan in ons goeie
goed in het pikkedonker. Alleen de captain ontbreekt nog, die moet nog ergens
vandaan gehaald worden. En daar gaan we dan weer, ieder naar zijn eigen
boot. We hebben allemaal het een en ander aan alcohol achter de kiezen en
hebben lol voor 10. Onze boot is duidelijk herkenbaar, de laatste tijd doet
Roderick voor we weggaan een rode reeks ledlampjes aan, dan kunnen we het
schip makkelijk terugvinden in het donker. Tja het commentaar was natuurlijk
niet van de lucht. Maar dat is wel aan ons besteed, op het laatst zat ik te
vertellen dat de vaste klanten met een loyaltykaart gebruik mochten maken
van de speciale aanbiedingen. Nou toen kwamen ze helemaal niet meer bij.

Gauw daarna in bed, het is tenslotte al half negen....
Zondag, 20 februari, 2e dag Regatta om Saint Lucia, van Le Vieux Fort Bay
naar Rodney Bay.
Weer vroeg op, ontbijten, dan direct het schip klaarmaken. Lekker windje!
Roderick hijst alvast de gennaker in de mast en bevestigt alle schoten en
dergelijke, zodat we deze direct kunnen zetten. Dan het anker ophalen en
klaar voor de start. Om 8.30 uur vertrek. De gennaker staat er mooi bij.

Het is wederom een prachtig traject. Vlak langs de kust en langs de Pitons.
Toen we hier voor het eerst langskwamen, waren de bergen in regen gehuld,
nu is het mooi helder weer. We moeten opkruisen om de Piton te kunnen
ronden, dus mogelijkheid genoeg om er vanuit verschillende hoeken een blik op
te werpen.

Na een aantal slagen zijn we flink ver in zee, nu kunnen we een mooie slag
terug maken, die we heel lang door kunnen halen. Nou dat hadden we
gedacht... Net op het punt van overstag gaan, viel de wind weg en lagen we te
dobberen. We hebben het een poos volgehouden, maar op een gegeven
moment dobberden we zelfs achteruit, toen vonden we het welletjes en zijn
we op ons gemak op de motor heel dicht onder de kust richting Rodney Bay
gevaren. We zijn nog uren ver verwijderd.
Tegen 14.00 uur waren we ter hoogte van Marigot Bay, waar we van de week
naar toe willen en besloten we daar even naar binnen te varen om alvast een
kijkje te nemen. Maar wat is die ingang goed verstopt. In de Engels Franse
oorlog heeft de Engelse vloot zich hier verstopt, de masten bekleed met
palmbladen en de Fransen zijn er zo aan voorbij gevaren. Nou dat snap ik best.
De ingang is dus niet hier...en niet hier...

maar hier. Pas als je eraan voorbij vaart, zie je het.


Onmiddellijk komen de Boatboys aanscheuren in hun bootjes om ons tegen
betaling naar een mooringboei te brengen. Hebben ze vandaag pech, volgende
keer beter! Het is hier echt prachtig, overal palmbomen, maar wat een
drukte...
Weer door naar Rodney Bay, aangekomen in de baai is er gauw een ander
schip op ons plaatsje gaan liggen, en niet alleen op ons plaatsje...

The Royal Clipper, ook alweer een vijfmaster. Wij gaan in de andere kant van
de baai voor anker, vlak voor het strand, misschien kunnen we dan Internet
aan boord ontvangen. Yes, langzaam weliswaar, maar daar mogen we niet
over klagen. Dan gaat Roderick direct de rubberboot weer oppompen, daar is
hij echt wel een stief kwartiertje zoet mee, anders kunnen we niet van boord.
Ik ruim intussen de rest van de spullen van buiten op. Er is een party op de
Saint Lucia Yachtclub, recht tegenover ons op het strand, maar het strand is
nogal steil, we kunnen moeilijk "beachen" zoals dat heet, we maken dan een
grote kans dat de rubberboot, inclusief buitenboordmotor en onszelf over de
kop slaat. Wij gaan dus met de dinghy naar de haven, varen dan helemaal door
en leggen hem vast in het dinghydock voor het Restaurant The Edge. Groot
slot erop, dan door het restaurant nog een paar straten lopen en dan zijn we
er. De meeste schepen hebben het zeilen opgegeven, die zijn dus uit de race,
wij ook, maar 2 hebben het volgehouden en daar is het wachten op.
Het clubhuis zit afgeladen vol, de band speelt Amerikaanse meezingers en
iedereen zingt uit volle borst mee. Uiteindelijk komt het laatste schip binnen,
de Caol Ila uit Londen, zij worden uiteindelijk 2e.

En dit zijn uiteindelijk de winnaars, de Sweet Surrender, Danielle was nog zo
sportief de nummer 2, Caol Ila, te bedanken. Ze vermeldde dat als die ermee
gestopt waren, zij ook niet verder doorgezeild waren.

Daarna hebben we een ongelooflijk leuke avond gehad. Heel veel gelachen, we
staan hier bekend als het echtpaar dat altijd lacht. Groot compliment, dacht ik
zo. Vriendschappen gesloten, lieve mensen leren kennen; Berny, een
bijzonder aardige, zeer vermogende St Lucian heeft ons na afloop met de auto
naar de rubberboot gebracht. Het is weer een latertje geworden, we lagen nu
pas om half 10 in bed. Het klinkt stom, maar bijna alle bootjesmensen zijn heel
vroeg op en daardoor ook heel vroeg in bed. We zijn echt de enige niet.
Dinsdag, 22 februari 2011, Rodney bay en Rodney Bay Marina.
Het is vandaag beredruk in de baai. Overal liggen schepen. We doen het eens
even lekker rustig aan, eigenlijk wilden we vandaag naar Marigot Bay, maar
we liggen lekker, ondanks dat de swell erg toegenomen is.

We liggen bijna met onze kont op het strand, vlak voor de Bay Garden
Beachhotel, waardoor we van hun Internet verbinding gebruik kunnen maken.
Dus brieven schrijven en verzenden, rustig aan wat zaken op het Internet
uitzoeken, eens kijken waar de andere cruisers uithangen. We krijgen net een
mailtje van Mirella binnen, daar kan ik nu tegelijk op reageren. Leuk. Ik schrijf
een kort berichtje terug, besluit er dan een moederlijke brief tegenaan te
gooien, druk op verzenden, dan komt er een rare golf, weg Internet, weg brief.
Shit! Kijk nog eens goed naar buiten, we liggen bijna in de branding, de swell is
hartstikke toegenomen, tegelijk breekt de lijn, waarmee we de spanning
van de ankerketting houden. Wegwezen hier, en wel direct!
We varen linea recta naar de Marina. Vannacht kunnen we lekker rustig slapen.
Nog even langs de Boardwalk tijdens het Happy Hour voor een ijskoude Pina
Colada Cocktail, douchen, hier en daar een praatje maken, dan gaan we nog
even een klein hapje eten in de Bread Basket, waar we bij Ria en Jacques van
de Lady Hawk aan tafel genodigd worden. Zij gaan morgen ook naar Marigot
Bay. Gezellig zitten kletsen en dan naar bed.
Woensdag, 23 februari 2011, Marigot Bay.
Vanochtend dus echt vertrokken voor een kort, maar absoluut heerlijk
zeiltochtje naar Marigot Bay. Als je in St. Lucia verblijft met de boot, hoor je
daar toch zeker ook een nachtje gelegen te hebben, vind ik. Je moet alleen
onderhandelen over de prijs van de mooring, dat is de boei waaraan we het
schip vastleggen. Nog voor de ingang van de baai, komen de boatboys
aanscheuren in hun dinghies. Ze willen allemaal, dat je bij hun komt. De smalle
en drukbezette baai bestaat uit 2 gedeelten, onderbroken door een landtong
met palmen. Achterin lig je weliswaar rustiger, maar ook meer in het moeras,
wij kiezen dus voor een plaatsje in het voorste gedeelte, daar houd je de frisse
zeewind.


We worden naar een mooring gebracht en liggen op een mooie plek. Alleen de
baas moet nog langskomen voor het geld, we weten nog steeds niet hoeveel.
Maar dit keer hebben we wel ons plan getrokken, hoever we willen gaan. Waar
je hier bij het onderhandelen ook altijd op moet letten, is in welke valuta ze de
prijs noemen. Ze springen van US dollars naar EC dollars en weer terug, alleen
US is 2,5 keer zoveel. Daar komt de baas in zijn rubberboot aanscheuren.
"Hello, how are you, having a nice day?" Bij ieder gesprek vang je hiermee
aan, dan nog wat prietpraat en dan eindelijk de gewone zaken. 80 EC wil hij
voor vannacht voor de mooring. Roderick zegt dat hij dat niet kan betalen, nou
dan weet hij het goed gemaakt: 140 EC voor 2 nachten, Roderick biedt 90
voor 2 nachten en uiteindelijk gaat de baas met een grote grijns accoord met
100 EC voor 2 nachten. Geeft Roderick een hand, stelt zich voor als Jean
Jacques, Roderick stelt zich voor, deal gesloten. Met de complimenten van
Jean Jacques, dat Roderick een goede "negociator" (onderhandelaar) is, want
dat hij de juiste prijs betaalt. Iedereen blij. Dan kan de rubberboot weer van
dek gehesen, de motor erop en ga ik de baai verkennen. Dan gaan we heerlijk
een boekje op de kuipbank lezen, onderhand het gedoe van de aan- en
afvarende boten bekijkend. 's Middags gaan we nog even met z'n tweetjes
met de rubberboot rondkijken en aan land. Daar lopen we over een klein
weggetje met aan alle kanten prachtige planten. Pareltjes om te zien.

We lopen een klein stukje rond de baai en zien dan dit soort tafereeltjes.

Helaas ben ik snel uitgewandeld, we vinden nog een supermarktje, kopen
heerlijk uitziende pikante verse worstjes, die ook zo smaakten, mjammie, dan
varen we nog even langs de Lady Hawke om gedag te zeggen, drinken daar
nog wat en dan gaan we weer terug naar ons mooie plekje.

,Donderdag, 24 februari 2011, Marigot Bay.
Nog een dagje voor anker in Marigot Bay. De omgeving is schitterend, maar ik
ben "uitgelopen", dit wordt weer een dagje bank. De baai is te klein en te
overbevolkt om te gaan zwemmen, dat vind ik niet prettig. Altijd bang om
overvaren te worden, plus dat bij deze concentratie's van schepen de
vervuiling ook toe zal nemen, hoewel daar niets van te merken is. Vandaag
heb ik mijn dag niet, ik ben de hele dag doodmoe, de baai is vrij smal en heel
dichtbegroeid, misschien zit er iets in de lucht waar ik niet tegen kan, het eind
van de baai bestaat uit moeras. Wat betreft mijn luchtwegen gaat het de
laatste tijd zonder meer prima, al maanden gebruik ik geen medicijnen meer
daarvoor. Dus rustig om me heen kijken wat er gebeurt. Vanaf 16.00 uur
begint de kermis hier weer, dan komt iedereen afmeren voor de nacht. Een
heel gekrioel en altijd leuk om te volgen.
Ineens komt er vanaf zee een enorm zeilschip aan, een mast met 5 zalingen.
Je weet gewoon niet wat je ziet. Hij lijkt niet alleen erg groot, hij is het ook!
Vele maten groter en hoger dan alle andere schepen, die hier liggen. Lady B.
50 meter lang. We liggen wederom op de eretribune als ze langsvaren. Wauw,
wat een schip.

Gaaf om gezien te hebben, maar niet om jaloers op te zijn. Ze varen met een
complete bemanning in keurige bermuda's, rokjes en witte bloesjes. Allemaal
met een belt om met een walkie talkie. Na het afmeren zijn ze allemaal alleen
maar druk aan het poetsen, spoelen en regelen. Wat een gedoe. Wij liggen
lekker met een boekje op de kuipbank. Rondom zijn er vele sfeervolle
restaurants, onder andere het Doolittle restaurant uit de film. We krijgen
allemaal flyers gebracht, het ziet er allemaal mooi en lekker uit, maar ik ben
gewoon niet in de stemming. Daarbij zijn de prijzen hier zeker 25/ 40
procent duurder als in Rodney Bay.
Vrijdag, 25 februari 2011, van Marigot Bay naar Rodney Bay.
Het is vandaag een echte druilerige dag, regen, harde wind. Zo hebben we het
nog niet gehad, maar we gaan toch terug naar Rodney Bay. We hebben zin om
lekker een stevig stukje te zeilen. 's Ochtends komt hier om half 8 een jongen
luid roepend langs met "fresh bread" drijfnat door de regen peddelend,
weliswaar ook voor woekerprijzen, maar wel heel grappig. Hiermee doen we
nog wat aan ontwikkelingssamenwerking.
We varen de baai uit en dan blijkt de weersvoorspelling ietwat rooskleuriger
geweest te zijn dan in werkelijkheid. We krijgen een dikke 30 knopen wind
recht op de neus, dito golven. Bijna niet tegenop te zeilen, de motor er dus bij
en al motorzeilend moeten we een hoop moeite doen om die 10 Nm af te
leggen. Maar de frisse zeelucht doet me duidelijk weer goed. Ik kan er weer
helemaal tegenaan. Dit keer ankeren we in de luwte van Pigeon Island, met
zicht op ons restaurantje Jambe de bois. De wind blijft de hele dag gieren, we
besluiten dan ook niet van het schip weg te gaan.

De volgende ochtend blijkt het vijfmast cruiseschip Windsurf recht naast ons
geankerd te zijn. Een uurtje later komt daar ook het zusterschip Club Med 2,
eveneens een vijfmaster er ook bij liggen.


De passagiers worden met overdekte motorsloepen aan land gebracht. Ze
varen af en aan. Het zijn er ook nogal wat. Wij hebben geen zin om met deze
gierende wind in de rubberboot weg te gaan, we blijven dus nogmaals lekker
zitten waar we zitten. Tijd om eens de spelletjes koffer te voorschijn te halen.
Ik heb wel zin in een lang spel Axis and Allies. Alleen bevindt die koffer zich
onder bed. Dus matrassen eraf, lattenbodems eraf, schotten eruit, Ja, daar is
ie! Alles weer dicht. Hee waar is eigenlijk het speelbord? Tja je kunt het al
invullen, onder bed dus.... Een lang spel werd het, want hoe moet het ook
alweer? Eerst de spelregels eens doorlezen, daar zijn we wel een half uur mee
bezig, dan alles neerzetten en dan nog het spel spelen. Maar leuk weer, zit je
hier bij windkracht 7/8 voor anker in een prachtige baai een spelletje te
spelen.
Ineens wordt er aangeklopt en Hallo geroepen. Sandra en Michael (van de
katamaran Touchwood) met hun kindertjes van 1 en 4 in de rubberboot
komen gedag zeggen. We hadden hen in Marokko ontmoet, toen zij op Pigeon
Island liepen, zagen zij ineens de Happy Bird liggen. Gezellig even bijgepraat,
dan gaan zij nog net voor donker met hun bootje terug naar hun eigen schip.
Zondag, 27 februari 2011, Rodney Bay.
De zon schijnt weer, we liggen niet zover van de kant. Yes tijd om te
snorkelen. Roderick heeft nu niet zo'n zin, ik wil wel 100 keer. Deze keer doe ik
mijn wetsuit aan, af en toe kom je door de stroming zo dicht bij de rotsen en
dan is mijn lijf goed beschermd. Roderick past op mij vanaf de boot met de
rubberboot startklaar. Hij krijgt er de zenuwen van. Kan ik me iets bij
voorstellen. De hele dag heb ik pijn in mijn benen, maar als ik niet ga
zwemmen krijg ik pijn in mijn ziel... dus!

Ik ga direct al vroeg, zodat er geen toeristen op waterscooters over me heen
kunnen scheuren, maar die vissersboot met locals met spearguns had ik niet
verwacht. Het is hier onder water zo gaaf, drijvend tussen een hele school
visjes. Ik word al wat moediger, dus ook grotere vind ik al leuk. Zo lang we
maar niet over haaien of barracuda's praten. Maar ook vandaag weer: paarse
visjes met felblauwe stippen, gestreepte visjes, driehoekige, rode met gele
boogjes, zee-egels, zee- anemonen, koraal, je kijkt je ogen uit. Ik ga straks
weer! We zijn nog een keer met z'n tweetjes gaan snorkelen, rechtstreeks van
de boot naar de rotsten gezwommen. Nu inktvisjes gezien, een kreeft en nog
veel meer moois. Veel hersenkoraal ligt hier.

Nu ben ik bekaf en heb ik de rust om ook even te blijven zitten. Er komt nog
even een schildpad langs de boot zwemmen, helaas duikt hij snel weer onder.
Gaaf, kan ik dit dier ook weer afvinken van mijn lijstje. Ik wist dat ze hier in
zee leven, maar tot nu toe had ik er nog geen een gezien.
De wind blaast nog steeds behoorlijk, met flinke windstoten.
Om vijf uur gaan we een hapje eten in Jambe de bois. In de bookswap
(boekenruil) zien we een paar Nederlandse boeken staan, maar wij hebben
geen boeken bij ons om om te wisselen. Na het afrekenen varen we terug naar
het schip, wat nu niet zo ver weg ligt. Ik ga een pot koffie zetten en Roderick
vaart nog een keertje terug in het pikdonker om boeken te ruilen. Zo weer 5
nieuwe boeken in de kast. We kunnen geen leesvoer genoeg hebben. Om
20.00 uur begint het nog veel harder te gieren en te stortregenen. Het anker
houdt prima, we liggen nog steeds op dezelfde plaats. Wel zetten we de
ankerwacht aan, als we meer dan de ingestelde afstand van onze plaats
afgaan, gaat er een luid alarm af.
Midden in de nacht, het is stikdonker, geen maan, geen sterren, krijgen we
echte stormvlagen. 2 schepen achter ons raken in de problemen, hun anker
gaat krabben, dus ze drijven weg. Ze willen proberen om naast ons opnieuw
te ankeren, Roderick zwaait met de zaklantaarn en schreeuwt zijn keel schor
tegen de wind, dat daar allemaal rotsen liggen. Eindelijk hebben ze het
begrepen, ze komen nogmaals langszij en dan gaan ze naar de andere kant
van de baai. He, he! Ik duik weer het bed in, Roderick blijft nog buiten zitten
om de boel in de gaten te houden. Dat is maar maar goed ook. Nu gaat er voor
ons een schip aan de haal en die drijft onze kant op. Maar ook dat loopt goed
af. Spannende nacht dus.
Maandag, 28 februari 2011, Rodney Bay
Roderick vaart vanochtend eerst naar de Marina, hij heeft een afspraak met de
zeilleverancier. Nou dat had hij zich kunnen besparen, want die was er niet.
Mooie afspraak. Maar onze genua schijnt morgen afgeleverd te worden, dus
gaan we morgen de haven in. De importregels vereisen, dat Roderick
persoonlijk de levering in ontvangst neemt in bijzijn van de douane. Een hoop
gedoe, maar het scheelt ons de BTW. Een paar uur later is hij weer terug. Mooi,
kan ik even snorkelen.

Terwijl ik in het water hang, zwemmen er 2 pijlinktvissen vlak onder mij door.
Hij is haar duidelijk het hof aan het maken. Ze bewegen zich heel sierlijk, met
ragfijne vinnen dansen ze zwevend door het water. In mijn enthousiasme wil
ik het direct aan Roderick vertellen, vergetend dat ik nog met mijn snuit in het
water lig, dus direct krijg ik een flinke scheut zout water binnen. Je moet er
wat voor over hebben.
Dinsdag, 1 maart 2011
Weer een stormachtige nacht achter de rug. Ze weten hier wel van wind. Alles
weer goed gegaan, kost een paar uur slaap maar alla... Het was deze nacht
meer dan donker, geen maan geen sterren, restaurant gesloten, weinig boten
om ons heen. Voor de zekerheid hebben we weer ons rode licht ontstoken. Dan
zijn we duidelijk zichtbaar voor de schepen die vannacht uit zee aankomen.
Nog snel een keer gesnorkeld, pak aan en plons het water in. Dit keer stak een
murene zijn grote kop uit zijn hol en even later zag ik nog een echte zeeslang
van zeker anderhalve meter, bruin met gele vlekken. Het is zo gaaf, iedere
keer weer een verrassing wat je ontdekt. Ongemerkt blijf ik mooi in training.
Als ik een half uur gesnorkeld heb, moet ik toch weer zorgen bij het schip terug
te komen. Om 12.00 uur gaan we de haven in, het zeil is er toch niet, komt
morgen. We shall see.
Woensdag, 2 maart 2011, Rodney Bay Marina.
Ons zeil is gearriveerd. Het is erg mooi geworden. We hebben het al in de
furling gehesen. Toen we de oude genua er net bijna af hadden, begon het net
weer te waaien en te regenen. Het oude zeil gaan we nu op het grasveld laten
drogen en dan netjes opvouwen. Daarmee houden we het voor gezien
vandaag. We zijn afgepeigerd.

Donderdag, 03 maart 2011, laatste dag Rodney Bay St Lucia
Vanochtend gaat Roderick eerst uitklaren bij de douane, dan betalen bij de
haven, ik doe nog een laatste was en maak het schip klaar voor vertrek.
We moeten voor 12.00 uur de haven verlaten, anders moeten we nog een dag
betalen. Winnifred van de Caol Ila komt nog even aankloppen, ik had beloofd
de foto's van de regatta bij haar op de computer te zetten, maar we troffen
elkaar steeds net niet. Nu dat kan ook nog wel snel. Ze zet gauw nog een kop
koffie voor ons en op tijd zijn we weg. Dan gaan we eerst naar het fueldock om
onze dieseltanks vol te gooien, nu we de uitklaringspapieren hebben kunnen
we "duty free" (zonder BTW) tanken, dat is mooi meegenomen. Daarbij
hebben we dik 180 liter nodig. We komen om half een aan, alles ligt vol en de
medewerkers zijn lunchen. We wurmen ons in een heel klein plekje, want
voorlopig zijn we nog niet aan de beurt. En heet dat het is! Het is binnen al 39
graden. Als de tankboys eindelijk komen, moeten wij juist van dit plekje weg,
dan kan de katamaran opschuiven, dan moeten wij rondjes draaien, achter aan
weer afmeren en vervolgens het hele schip met de hand weer verhalen naar
waar we eerst lagen. En dat in die hitte. Dan kloppen onze douane papieren
niet, vinden zij. Er is een hokje niet aangevinkt....Roderick wijst ze op de
stempels en de datum...naar kantoor, weer terug, overleg, weer overleg, nee,
dit klopt niet, kom morgenochtend maar...Ja Daagg!!! Weer overleg, oh, ja dat
kan wel. Eindelijk kunnen we tanken. Dan gaat Roderick afrekenen. Heeft u de
clearancepapieren? Ja, die hebben we net allemaal laten zien,...Die heb ik
nodig, wilt u die halen, ...Hee dat klopt niet.... Uiteindelijk zijn we 2 uur later
weg. He he. Bekaf van de hitte. We gaan buiten in de baai liggen en gaan dan
morgenvroeg weg. Dit zijn boten die hier ook in de haven liggen, ze worden als
watertaxi gebruikt. Ze doen er originele dingen mee, zoals deze "Wild Cat",

De laatste boot is een watertaxi van een echte Rastafarian, aan de basis van
hun geloof staat dat alle zwarte mensen, die vanuit Afrika gehaald zijn als
slaven en plantagewerkers, weer zelfbewust moeten worden en dat er eens
een zwarte koning gekroond zou worden, die alle zwarten naar de vrijheid zal
leiden, ze leven sober en meestal zelfsupporting en moeten niets hebben van
de consumptiemaatschappij. Zij leven volgens de pincipes van zuiverheid,
persoonlijke kracht en vrijheid, zonder corruptie en onderdrukking. Met de
kroning van de zwarte keizer Haile Selassie is een deel van de profetie
uitgekomen. Zij zien hem dan ook als de Zwarte Messias, de Leeuw van Juda.
Van hem wordt beweerd dat hij in directe lijn afstamt (225e) van Koning
Salomon en Queen Sheba. Zijn echte naam is Ras (dit is Prins) Tafari
Makonnen, hetgeen dus in de naam Rastafarian tot uiting komt.
Er lopen dan ook heel veel Rasta's rond met een Tshirt aan, met daarop groot
de afbeelding van Haile Selassie. Deze man had dus zijn boot met de
kenmerkende afbeeldingen beschilderd.


De meeste zijn bijzonder vriendelijk en belangstellend. Met mijn Out of Africa
hemdje kreeg ik veel bekijks, vooral de afbeelding van de leeuw lokte veel
commentaar uit. Hierdoor had ik veel gesprekjes met de Rasta's. Natuurlijk
heb ik ook over Ivar verteld, die ook grotendeels volgens deze principes
probeert te leven en dan reageren ze met : That's good, he will be happy!
En natuurlijk varen er ook talloze bootjes, afgeraggeld, met afbeeldingen van
Bob Marley, de Caraibische protestzanger.
Nu we toch buiten in de baai liggen, heeft Roderick het schip zo dicht mogelijk
bij de kant voor anker gelegd. Nu kan ik zo van boord in het water springen om
langs de kant bij de rotsen te snorkelen.
Vrijdag, 04 maart 2011, van Rodney Bay naar Martinique.
Vroeg op, nog 1 keertje snorkelen, ik kwam in een school van wel duizend
vissen terecht. Nu heb ik alle vissen uit het boekje Fish of the Caribbean Reefs
wel gezien. Trompetvisjes, Damselfish, Stoplichtvissen, weer een slang, teveel
om op te noemen. Bij het weer aan boord gaan, zag ik een piepklein inktvisje
aan ons trapje knabbelen. Misschien 3 cm groot, met enorme ogen en dan die
hele kleine pootjes dicht bij elkaar. Zo schattig. Maar onze St Lucia tijd zit erop,
we hebben het hier reuze naar onze zin gehad.

We gaan verder met Martinique.